Oranje en Muziek
Muziek heeft door de eeuwen heen op uiteenlopende wijzen een rol gespeeld
aan het Nederlandse hof. In de stadhouderlijke tijdperken was
muziekbeoefening door de leden van de familie vanzelfsprekend en waren er
altijd musici en leermeesters te vinden in en om het hof. De laatste
stadhouder, Prins Willem V, gaf het muziekleven in Den Haag zelfs een grote
impuls door veel aandacht te besteden aan muzikale activiteiten. De Haagse
hofkapel trok vele beroemde musici aan uit binnen- en buitenland. Koning
Lodewijk Napoleon liet bij zijn vertrek een muziekbibliotheek en een
fortepiano achter in het Paleis op de Dam in Amsterdam, Koning Willem I
richtte vier conservatoria op en Koning Willem III leverde een bijdrage aan
de opleiding van jonge musici.
In het Koninklijk Huisarchief bevindt zich een omvangrijke collectie
bladmuziek, daterend vanaf de tweede helft van de 18e eeuw. Vele partituren
die met of zonder directe aanleiding hun weg vonden naar de koninklijke
familie zijn in mooie banden gevat. Leer, fluweel, perkament, zijde en
goudbeslag geven vele muziekwerken een koninklijke en feestelijke
uitstraling, terwijl componisten zichzelf grif wegcijferen als
'Hoogstdeszelfs alleronderdanigsten en trouwen dienaar'.